Versterving, een weloverwogen levenseinde en mogelijk alternatief voor euthanasie

Dit is een persoonlijk verslag van het verstervingsproces van mijn vader. Ik heb dit verslag geschreven en gepubliceerd zodat onze ervaring misschien gebruikt kan worden als achtergrond informatie in het geval dat versterven wordt overwogen als een zelfgekozen levenseinde, een alternatief voor euthanasie, bijvoorbeeld na een voltooid leven.


Inleiding

Ruim een jaar geleden heeft mijn vader door middel van versterving voor een eigen levenseinde gekozen. Voor mijn vader was zijn leven voltooid in de zin van volbracht, beperkt en beangstigend. Mijn vader kwam niet in aanmerking voor euthanasie en heeft uiteindelijk voor versterving gekozen omdat versterving leidt tot een natuurlijke dood, hij zelf de regie kon houden en hulp niet strafbaar was.

Wat er aan vooraf ging

Mijn vader en moeder hebben een waardevol leven gehad met bijzondere zorg voor kinderen, vooraanstaande bestuurlijke posities en plezier in uitgaan en sport.

In 2011 hebben mijn ouders zich voorgenomen om samen en tegelijk afscheid te nemen van het leven. Zij zagen hun leven als voltooid en wilden niet verder, zeker niet zonder elkaar. Daarnaast zag mijn moeder op tegen erfelijk dementeren en ontluistering en mijn vader zag op tegen een stapeling aan ouderdomsklachten en mogelijk meer psychische klachten.  

Na een gedegen voorbereiding met gezin, huisarts, verschillende levenseinde instanties, notaris en  na gesprekken met anderen die dicht bij hen stonden werd het besluit tot gezamenlijke euthanasie genomen. Alle benodigde verklaringen werden opgemaakt en getekend. Het gekozen moment van afscheid zou hun wettelijke trouwdag zijn, ruim een half jaar verder.

Voor ons betekende dit een periode met meer en regelmatiger aandacht voor onze ouders. Mijn ouders hadden ondertussen al geruime tijd hun zorg aan huis prima geregeld, zoals voor huishouden, fysiotherapie en lichamelijke verzorging. Hun uitjes werden echter meer en meer beperkt tot etentjes in vertrouwde restaurants.

Euthanasie was uiteindelijk geen optie. Waarschijnlijk waren de lichamelijke klachten van mijn ouders op dat moment geen doorslaggevend argument voor euthanasie geweest maar de afwijzing werd vooral gemotiveerd vanwege de voortschrijding van mijn moeders dementie waardoor zij niet meer wilsbekwaam was. Nu hebben wij meer begrip voor het dilemma van de huisarts maar toen waren wij verbijsterd dat dit voortschrijdend proces van dementeren zo “onopgemerkt” het punt van wilsbekwaamheid had kunnen passeren.

Verschillende alternatieven werden overwogen zoals verstikking, pillen/serums uit het buitenland, een laatste reis naar Zwitserland. Zwitserland heeft zelf geen euthanasiewet waardoor hulp bij zelfdoding daar niet strafbaar is. Echter, om niemand in gevaar van vervolging te brengen vanwege hulp bij zelfdoding en om een aangrijpende ontdekking te voorkomen hebben mijn ouders er ook weer bewust van afgezien om alternatieve plannen door te zetten en om er het beste van te maken.

Mijn vader heeft met veel liefde en samen met zijn huisdames de zorg voor mijn moeder op zich genomen tot het echt niet meer kon en mijn moeder zelfs met urgentie naar een gesloten afdeling van een overigens geweldig goed verzorgingshuis overgebracht werd. (2013)

Ruim een jaar later is mijn moeder, geholpen door het afzien van medicijnen, overleden. Vlak daarna kwam mijn vader weer naar ons met een duidelijk voornemen tot een eigen levenseinde. Zijn belangrijkste reden, die hij met ons en anderen deelde, waren zijn overtuiging dat zijn leven geleefd was. Zijn rol en betekenis namen af, het ging goed met ons, mijn moeder bleek onmisbaar, zijn wereld werd steeds kleiner door achteruitgaand zicht, gehoor en mobiliteit en mijn vader had een angst voor mogelijke psychoses. (2014)

Tijdens uiteindelijk gezamenlijk, intensief en open overleg tussen mijn vader, de huisarts en mijn zus en ik passeerden verschillende alternatieven weer de revue.  Euthanasie op grond van een stapeling van ouderdomsklachten en een angst voor psychoses bleek niet reëel. Zelfdoding zonder hulp was nog geen optie. Daardoor bleef al vrij snel versterven als enige reële mogelijkheid over. Versterven is in het kort het afzien van eten en drinken om een zelf gekozen levenseinde te bespoedigen.  Bij versterven wordt gebruik gemaakt van zelfbeschikkingsrecht, het recht om zorg te weigeren. Versterven leidt tot een natuurlijke dood.  Daardoor is versterven geen zelfdoding en is actieve hulp zondermeer mogelijk.

Het verloop

Na verloop van enkele maanden kwam een datum om met het verstervingsproces te beginnen in beeld, de geboortedag van mijn moeder. Na een constructieve voorbereiding met de huisarts, een gastvrij verblijf in het Bijna-thuis-huis, persoonlijke, professionele en palliatieve zorg en een door mijn vaders wilskracht gekenmerkt proces is mijn vader na 11 dagen zonder complicaties overleden (2015).

Het verstervingproces is goed gegaan, hoe vreemd dat ook moge klinken. Eigenlijk was alleen een onverwacht gedrag van mijn vaders blaas een tijdelijk probleem. De diagnose dat mijn vader als gevolg van het verstervingsproces uiteindelijk “Terminaal” was maakte het mogelijk dat mijn vader onder palliatieve sedatie overleden is. Wij waren voorbereid op verstrekkende complicaties en/of klachten en op lichamelijke en geestelijke pijn maar, zoals mijn vrouw zei: “Ik ken niemand die zo mooi overleden is als Pa”.